2011 Vliedend vertrek-Kunsthal Kade  

Kunsthal Kade, Amersfoort

In de landschappen en bloemstillevens van Jan Koen Lomans (Rotterdam, 1978) speelt – de schoonheid van het vergankelijke – een grote rol. Lomans tekent, etst, smelt en weeft in het schemergebied tussen bloei en verval. “In mijn werk zoek ik in een tussenlandschap, dat ligt tussen leven en dood. Deze ontstaat en ontvouwt zich als een tegenstrijdig karakter dat lijkt aan te komen en te vertrekken tegelijkertijd.”

Lomans staat in een lange traditie van het schilderen van bloemstillevens. Denk aan de pronkstukken en de tulpenmanie in de Gouden Eeuw, waarbij met een verlepte bloem of een door insekten aangevreten blad het vanitassymbool werd geduid. Of in de vroeg 20e eeuw waar Vincent van Gogh en Floris Verster meesters waren in het vastleggen van de vergankelijkheid en het vlieden van de tijd in de vorm van verleppende bloemen en stemmingsvolle landschappen.

Het is niet voor niets dat Jan Koen Lomans kiest voor tekenen met houtskool, het etsen of smelten.. Deze technieken zijn fragiel en veranderlijk, waarmee het spel van de vergankelijkheid gespeeld wordt. Daarom is het bijzonder dat Jan Koen Lomans in zijn wandkleden juist kiest voor de weeftechniek. Bij het weven kan het niet anders dat vorm, kleur, ketting en inslag uiteindelijk resulteren in een vaste vorm. Zo legt hij met het weven de vergankelijkheid vast en hebben we even de geruststellende illusie dat we controle hebben over de tijd en we schoonheid voor altijd vast kunnen blijven houden.

Judith van Meeuwen, Kunsthal KAdE

More Info:
Click here